Vita Antonii Abba's Iconografie Vuur Antonianen Kunsten Cultus Folklore Plant Dier Literatuur Paulus Hilarion Maria Simeon Adolphus
Nederlands Frans Italiaans Spaans Portugees Koptisch Duits Orthodox Engels Amerikaans Aziatisch
Sankt Antonius in Deutschland A-B
Plaatsen A-B C-G H-K L-N O-R S T-Z Beelden A-C D-L M-R S T-Z Musea Kaart
Allendorf; Altenbeuren; Ammeloe, 2012; Arpe; Arzdorf; Baccum, 2012; Benteler; Bisholder; Bückelte, 2012 Antoniusviering;
Allendorf (M Dc41) (1 Q12) Katholische Kirche St. Antonius Einsiedler 15e eeuw
De kerk van Allendorf is aan Sint Antonius de Kluizenaar gewijd, die in in deze streken Fickeltünnes genoemd wordt — “varkenstoon”.
De westelijke toren dateert uit de laat-romaanse periode en is waarschijnlijk ouder dan de eerste vermelding van de kerk van 1448. Aangezien de kerk, op de toren na, begin 18e eeuw was vervallen, werd er een nieuw schip aan vastgebouwd.

De naamdag van Antonius wordt er op 17 januari gevierd; maar hoe is me nog niet duidelijk.
Dit beeld van Antonius de Kluizenaar maakt deel uit van het hoogaltaar. Een T op de schouder, fraaie staf en groot — hond-achtig — varken.
Er is ook een zeer actieve Schuttersvereniging die Fickeltünnes genoemd wordt.
Het wapen van Allendorf. Antonius staat tegen een blauwe achtergrond, gekleed in een zilveren gewaad, met gouden aureool, in zijn rechterhand een gouden staf en in zijn linkerhand een gouden klok.
Pater Rainald (links) die zichzelf ziet als de laatste "varkenspriester" in Noord-Duitsland ontving van Anton Lübke, de voorzitter van Fickeltünnes (rechts, 2e van links) een mand gevuld met heerlijke "Schweinereien".
Bij wat voor gelegenheid dat was, is me niet geheel duidelijk.
Altenbeuren (Z Fb71) (4 O16) Wallfahrtskapelle St. Antonius der Einsiedler 15e eeuw
De kapel van Sint Antonius de Kluizenaar in Altenbeuren is vóór 1500 als pelgrimskapel gebouwd.
Het enigszins ten opzichte van de oostelijke muur losgeplaatste altaar is voorzien van een barok retabel met als centraal beeld Maria met Jezuskind (C. Vogel, 1861).
Als schrijnbewakers fungeren Sint Antonius de Kluizenaar (rechts) met een T-kruis en varkentje, en paus Sint Silvester (links) met de Tiara en het kerkmodel. Beide dateren uit de periode na 1500.
Ammeloe (M Ca 34) (1 I1) Antonius Kirche & Feuerwehrkapelle 15e eeuw
De Antonius kerk
We bezoeken Ammeloe op dinsdag 17 januari 2012. De kerk is goed onderhouden.

Op een piëdestal aan de wand staat een houten beeld van Antonius. Het maakt de indruk van een “gerestaureerd” middeleeuws beeld. Misschien was het ooit een polychroom beeld?
Het middeleeuwse karakter wordt vooral bepaald door het correcte hoofddeksel. Wel zeer vreemd is de staf die Antonius in de rechterhand heeft: de top is een vierkant blok voorzien van een soort kantelen. Het boek in de linkerhand en de vlammen aan de rechtervoet zijn weer wel heel normaal.

Er is er verder nog een modern glas-in-lood raam met een afbeelding van Antonius. De T-staf is wat eigenaardig van vorm; er hangt een klokje aan. Verder zijn er nog het boek, en het varkentje. Geen vlammen (wat je in Ammeloe toch zou kunnen verwachten).
Al met al is het voor een modern raam toch mooi.

Het lijkt erop dat we het hoofdaltaar over het hoofd gezien hebben. Ik dacht te zien dat Christus hier afgebeeld was. Maar als het over Antonius gaat, zou dat twee scènes uit het leven van Antonius zou kunnen afbeelden, zoals deze kleine foto (rechts) van het altaar — op het internet gevonden — doet vermoeden.
Een reden om nog eens terug te gaan.
Enige geschiedkundige achtergrond: De eerste kapel in Ammeloe was gewijd aan St. Alexander, een van de zeven zonen van de heilige Felicitas, de patroonheilige van de kerk in Vreden. Dit blijkt uit het handvest van de abdis Helena von Schaumburg, die in 1442 een wekelijkse mis in Ammeloe aanving.
In een document van 1468 echter, wordt St. Antonius Abt als patroon van de kapel genoemd. In 1471 wordt de kapel voorzien van een klok ter ere van St. Antonius en een Antoniusbeeld.
Het hoofdaltaar van Antonius Abbas werd in 1860 door de bisschop van Münster ingewijd.
Verder is er nog een glas-in-lood raam met een afbeelding van Antonius.
De Antoniuskapel ofwel Feuerwehrkapelle
Het dorp lijkt uitgestorven maar dan zien we de heer Van den Berg, de lokale fietsreparateur en winkelier, die ons uitlegt waar we de kapel kunnen vinden. Wij spreken Nederlands, hij een soort Achterhoeks; zo dicht zijn we bij de grens.
De kapel is makkelijk te vinden.
Een mooi gebouwtje; een fraai beeld. Duidelijk een soort replica van het beeld in de kerk, met dezelfde vreemde staf. De vlammen aan de rechtervoet van Antonius zijn hier rood gekleurd, dus opvallender: vuur.
Er is ook een Antonius-lied, waarvan we de tekst in de kapel vonden, en waarin Antonius expliciet wordt aangeroepen om de mens tegen het gevaar van het vuur, Feuersgefahren, te beschermen:
O Antonius, Leuchte der Gnade
O Antonius, Bitt für uns !
Sich’rer Führer auf dunkelem Pfade,
O Antonius, fleh für uns !
Der du einst Satan und Welt überwunden,
Gott in der einsamen Wüste gefunden.
O Antonius, Bitt für uns !
Großer Heil’ger fleh für uns.

Mäch’tger Helfer der Schwachen und Armen,
O Antonius, Bitt für uns !
Blick’ hernieder in mildem Erbarmen,
O Antonius, Bitt für uns !
Schirm uns vor Krankheit und Feuersgefahren,
Woll’st uns’re Häuser und Felder bewahren.
O Antonius, Bitt für uns !
Großer Heil’ger fleh für uns.

Wie die Engel dein Schutz und Geleite,
O Antonius, Bitt für uns !
Steh’ uns bei in jeglichem Streite,
O Antonius, fleh für uns !
Daß nach den Kämpfen und Mühen der Erde,
Ewige Seligkeit gnadvoll uns werde,
O Antonius, Bitt für uns !
Großer Heil’ger fleh für uns.
Sinds 1985 staat aan de rand van het dorp Ammeloe in de richting van Lünten het "Hilligen Hüsken", dat ook bekend staat als de “brandweerkapel” (Feuerwehrkapelle).
Het idee voor een kapel ter ere van St. Antonius Abt, de patroonheilige van de kerk van Ammeloe, ging uit van een commandant van de plaatselijke vrijwillige brandweer.
Op een bakstenen sokkel in de kapel staat het Antoniusbeeld, vervaardigd door de beeldhouwer Hans Huber uit Vreden (1941-1999). Het is een replica van het beeld van St. Antonius Abt dat zich in de kerk van Ammeloe bevindt.
De locatie van de kapel aan de rand van het kerkdorp is zorgvuldig gekozen, omdat 80 procent van alle operationele expedities langs deze weg plaatsvinden. Zoals men daar van mening is: St. Antonius werd en wordt geacht de brandweerlieden te beschermen op de weg naar de brand en op de plaats van de brand.
Normaliter zou St. Florian en niet St. Antonius de patroonheilige van de brandweer zijn (althans in het Duitse taalgebied, want in Italië bijvoorbeeld wordt de Heilige Barbara als zodanig beschouwd), maar in Ammeloe is Antonius de patroonheilige van de parochie, dus dat zou een verklaring kunnen zijn. Maar ik zie nog wel een andere verklaring, namelijk dat Antonius sowieso met vuur wordt geassocieerd, waardoor hij bijvoorbeeld ook de patroonheilige van de Vaticaanse brandweer is.
Ook het vaandel van de brandweer van Ammeloe is gewijd aan Antonius en bevat het gebed: "St. Antonius bescherm ons tegen brandgevaar." [St. Antonius, schütze uns vor Feuersgefahr]
Het feest van Antonius wordt op de zondag na 17 januari met een speciale eredienst gevierd.
Arpe (M Dd42) (1 S13) Antonius der Einsiedler Kirche 17e eeuw
De in de 17e eeuw gebouwde kapel, kreeg in 1923 een uitbreiding ontworpen door Kurt Matern, de architect van de Dom in Paderborn.
In 1928 werden glas-in-lood ramen aangebracht, rechts en links van het altaar. Antonius komt op altaar en ramen niet voor.
In juni 1994 werd bij de kerk een monument opgericht om de slachtoffers van oorlog en geweld te herdenken. Het monument is ontworpen door de in Arpe geboren kunstenaar Bonifatius Stirnberg en toont de patroonheilige van de Arper Kerk, Antonius de Kluizenaar, die hier ook "Fickeltünnes” genoemd wordt, met een paar varkentjes.
Of er (nog) vieringen plaats vinden is me niet bekend.
Arzdorf (M Cb46) (1 J21) Antonius-Kapelle 1398
In 1398 stichtten Ridder Heinrich von Hüchelhoven, heer van Eschweiler en Adendorf samen met zijn vrouw Margaretha, en met toestemming van de abt van Steinfeld en de pastoor van Fritzdorf een kapel te Arzdorf, ter ere van Onze-Lieve-Vrouw en de heiligen Antonius, Stanislaus en Servatius.
In 1732 was de oude kapel vervallen, en graaf Von der Leyen, toentertijd burgheer van Adendorf, liet daarom een nieuwe kapel met drie altaren bouwen.
Zeer vroeg al kwamen van heinde en ver bedevaarten naar Arzdorf, vooral voor Antonius, die in de regio "Ferkestünn" wordt genoemd.
Op 17 januari brachten de pelgrims delen van geslachte varkens en plaatsten deze voor de altaren.
Zo wordt in 1717 gerapporteerd dat er 46 halve varkenskoppen, 22 gerookte varkenspootjes, een deel van de rug en 5 schouderstukken werden gebracht, die onder de armen van Arzdorf en de omliggende dorpen werden verdeeld. Na deze donaties werd de heilige Antonius aangeroepen ter bescherming van huis en haard en in het bijzonder voor de stal.
Antonius heeft een grote, brede, gestyleerde T-staf met een klok eraan hangend in de linkerhand. Een gesloten boek op de rechterhand. Een zeer klein varkentje piept net over de rand van de nis.
Vandaag de dag vinden geen pelgrimstochten naar Arzdorf meer plaats. Maar de Antoniusvereniging van Arzdorf probeert toch om deze oude traditie levend te houden. De dag van Antonius, 17 Januari, wordt net als vroeger feestelijk gevierd en de dorpsgemeenschap houdt dan een kermis.
In de drie nissen boven de ingang van de huidige kapel (uit 1732) staan sinds ongeveer 20 jaar weer de beelden van Sint Antonius, de Moeder Gods en Sint Jozef.
Dat de kapel werd gesticht ter ere van de Maagd Maria komt ook tot uiting in de windwijzer op de toren. Deze toont niet Antonius, zoals vaak wordt aangenomen, maar een beeld van de Heilige Moeder.
 
Van de oorspronkelijke drie altaren is alleen het hoogaltaar bewaard gebleven. Het toont tussen barokke pilaren een retabel uit de 18e eeuw met een afbeelding van de Hubertus legende, waarschijnlijk een geschenk van de familie Von der Leyen. Op de muur achter het altaar zijn overblijfselen van een grote muurschildering welke Antonius voorstelt, die teruggaat tot de vroege dagen van de kapel.
Het hoogaltaar wordt bekroond door een klein beeldje van Antonius met zijn T-staf en klokje. Aan de voet van de heilige staat het varkentje, dat hem aan zijn bijnaam "Ferkestünn” hielp. Dit beeldje werd in de jaren ‘80 van oud hout gesneden en vervangt een dertig jaar eerder gestolen beeld.
Aan de zijwanden bevinden zich beelden van de Maagd en de heiligen Jozef, Stanislaus en Servatius.

De kapel heeft een kleine barokke reliekschrijn met het opschrift "Sanct Antonius 1750". Het relikwie wordt tijdens het feest van Antonius op 17 januari getoond. De gelovigen bidden tot de relikwie om voorspraak van de heilige voor zichzelf en hun vee en ontvangen vervolgens de zegen.
De daktoren heeft twee klokken. De kleinere klok draagt een reliëfbeeld van Antonius en is gewijd aan de heiligen Antonius, Stanislaus en Servatius. De grotere klok is gewijd aan Jezus, Maria en Jozef.
Op zondag 17 januari werd in Arzdorf feest gevierd ter ere van Sint Antonius. De Antoniuskapel in Arzdorf was tot de nok toe gevuld voor de waardige Hoogmis door pastoor Hermann Josef Zeyen en het kerkkoor "Cäcilia".
Na de mis werd een krans gelegd ter herinnering aan de gevallenen in de wereldoorlogen. Pastoor Zeyen zegende de krans en de aanwezigen. Daarna was er volgens de traditie koffie en "Ribbel” (kruimelcake) in het gemeenschapshuis van Arzdorf.
Met een Rijnlandse Sauerbraten voor lunch, en koffie en gebak in de middag werd het feest besloten.
Baccum (N Cd30) (--) St. Antonius Abt Kirche 14de eeuw
We bezoeken Baccum op zondag 15 januari 2012. De kerk is open; het is een nogal vreemd bouwwerk: in eerste instantie lijkt het een oude kerk, maar dan blijkt dat er een modern bakstenen stuk aangebouwd is.
Het mooie Antoniusbeeld, met zeer klein varkentje, dateert van de neogotische periode. Het staat aan de bakstenen muur, maar wordt nu helaas aan het zicht onttrokken door een kerstboom, zodat ik hem niet kan fotograferen. Maar ik heb een redelijk goeie foto op het internet gevonden, hierbij afgebeeld.

Antonius heeft een zeer lange staf met klokje eraan in de linkerhand.
Een zeer klein varkentje zit aan zijn voeten, achterwaarts kijkend.

Het prachtige glas-in-lood raam toont een Verzoeking van Antonius: een groene duivel (rechtsonder) probeert hem te verlokken met goudstukken; daarboven is een rode duivel, wiens activiteiten mij niet duidelijk zijn.
Antonius steunt met de rechterhand op een korte haakstaf met daaraan een klein klokje; in de linkerhand houdt hij een crucifix geheven ter afschrikking van de duivels.
Links vliegt een raaf met een broodje in de snavel, een iconografisch attribuut dat eigenlijk bij Paulus van Thebe thuishoort.

Het begin van de gemeente Baccum is onbekend. Als parochie die vanuit Lingen bestuurd wordt, wordt het voor de eerste keer in een oorkonde uit 1414 genoemd,.
Toen de Hollandse protestanten in 1597 het graafschap Lingen veroverden, werd ook Baccum betrokken in de bittere conflicten tussen Reformatie en Contrareformatie.
Ondanks allerlei onderdrukkingen, houden bijna alle leden van de gemeenschap vast aan het geloof. In 1717 gaf de koning van Pruisen - toentertijd de nieuwe machthebber - in ruil voor een zeer grote som geld toestemming om de mis weer te houden, maar alleen in een schuur en op de eenvoudigste manier. Pas in de 19e eeuw is er weer een volledige gelijkheid voor de katholieken. Vanaf 1824 kunnen zij samen met de evangelische christenen van de kerk gebruik maken en ze nemen de kerk in 1858 over.
Deze kerk stamde uit het midden van de 14de eeuw, toen nog zonder toren, die in de 15de eeuw gebouwd werd. Vanwege de onlusten in de 17de en 18de eeuw raakte de kerk in verval. Katholieken en Protestanten moesten de kerk gemeenschappelijk gebruiken en waren ook verantwoordelijk voor het onderhoud. Dit leidde tot veel ruzies, zodat de hervormden in 1859een eigen kerkgebouw betrokken.
Omdat de oude kerk voor de groeiende gemeenschap onvoldoende ruimte bood en niet meer te repareren bleek, werd ze gesloopt — alleen de toren bleef staan - en opnieuw gebouwd in zandsteen, in neo-gotische stijl. Volgens de smaak van de tijd kreeg de toren een puntige spits. Naarmate de gemeenschap groeide door voortdurende instroom, werd in 1970 de kerk naar het noorden uitgebreid. Het nieuwe deel van de kerk werd in zichtbeton, een modern bouwmateriaal, opgetrokken.

Er is ook een Kindergarten St. Antonius in Baccum.
Enkele jaren geleden kreeg de Kindergarten een varkentje, dat "Toni" genoemd werd. Als kleine "Antonianen" hebben de kinderen Toni regelmatig gevoerd en uiteindelijk verkocht ten behoeve van kinderen in de Derde Wereld.
Van Antonius-vieringen is me niets bekend.
Benteler (M Ea37) (1 T6) St. Antonius Pfarrkirche 14de eeuw
De eerste kerk werd gebouwd als een kleine aan Sint Antonius gewijde kapel in de jaren 1856-1859. In 1897 werd deze de parochiekerk van de zelfstandige kerkgemeente Benteler.
In 1913 werd de eerste steen gelegd voor de uitbreiding van de kapel met het transept en de grote toren aan de oostzijde. De inhuldiging van de nieuwe Antonius parochiekerk vond plaats in 1921.
Op het kerkplein zou een opmerkelijke "Antonius-fontein" staan, vervaardigd door de kunstenaar Willi Koch, die op de voorkant de letter T van Antonius draagt en aan de zijkant het wapen van de gemeente.
Helaas heb ik hier geen foto van kunnen vinden.

Ook is me niet duidelijk of de dag van Antonius (nog) gevierd wordt.
De leden van de St. Antonius Schützenbruderschaft kunnen door het Bestuur of op voorstel van de leden van de Broederschap een "St. Antonius Onderscheiding” worden verleend, als ze zich verdienstelijk hebben gemaakt voor de Broederschap of voor het gildenwezen.
Bisholder (M Cd49) (3 L5) St. Antoniuskapelle 1546
De Antoniuskapel wordt in 1546 in een oorkonde voor de eerste keer genoemd, waaruit blijkt dat Bisholder behoorde tot de parochie van Lay (het hedendaagse Koblenz-Lay) dat aan de andere kant van de Moezel ligt.
Nadat Bisholder in 1797 van Lay werd afgescheiden en enkele jaren tot geen enkele parochie behoorde, werd de Antoniuskapel in 1806 in de Sankt Servatius parochie van Güls ondergebracht. Tegenwoordig valt ze onder het bisdom Trier.
Een eeuwenoude traditie
In de kapel bevindt zich een barok beeld van St. Antonius van rurale oorsprong, met varken en klokje.
Het klokje — een overigens iconografisch attribuut van Antonius — houdt hier verband met een lokale traditie die terug gaat tot een legende uit de Dertigjarige Oorlog:
Een vrouw, wier man door Zweedse soldaten geslagen was, had beloofd dat als haar man zou herstellen, ze de kapel voor één jaar uit eigen middelen zou onderhouden en drie keer per dag het Ave zou luiden.
Uit deze traditie is het kosterschap van Bisholder ontstaan dat als vrijwilligerswerk elk jaar op 1 januari van familie op familie wordt overgedragen. Dit gebeurt door een overdracht van de sleutel van de Antoniuskapel. Een van de eerste taken van elk nieuw pleeggezin is een collecte voor het behoud van de kapel.
Tot 1981 werd de klok met de hand om 7, 12 en 19 uur ter ere van Antonius geluid. Sinds 1982 wordt een elektrische klok gebruikt.
Zondagsdiensten werden er nooit gehouden, maar wel doordeweekse diensten.
Een nogal geëxalteerde Antonius heeft een grote, brede T-staf met twee klokjes eraan hangend in de rechterhand. Zijn kleine varkentje staat dicht tegen hem aan, neerwaarts kijkend.
Er zijn nu elk jaar twee hoogmissen: op 17 januari voor Antonius de Kluizenaar en op 13 juni voor Antonius van Padua.
Dit heeft de volgende achtergrond: in vroeger tijden werd op de jaardag van Antonius de Kluizenaar, 17 januari, de hoogmis gevierd en vond er een kermis plaats. Begin vorige eeuw kon de eigenares van het enige restaurant in de dorp de gemeenschap ertoe overhalen de jaardag van Antonius van Padua, 13 juni, te gaan vieren, want in de zomer was het beter weer en de omzet groter.
Daarnaast worden er dodenherdenkingen en waken gehouden, en wordt er nu en dan gedoopt.
Of er op 17 januari nog een kermis is of gemeenschapsfeest is me niet bekend.
Bückelte (N Cd29) (--) Kapelle Antonius Eremita & Tönjesfest 1508
Geschiedkundige gegevens van de kapel van Antonius Eremita, die in deze streken “Schwiene-Tüns” genoemd wordt:
De kapel, gelegen aan de Tönjesstraße, dateert van 500 jaar geleden, zoals blijkt uit de datum in Romeinse cijfers op de kapel: 1508. Hij is gebouwd op een terp, en steekt zo boven de bebouwing van het dorp uit.
Het bouwmateriaal van de kapel is volgens de overlevering afkomstig van de resten van een Johannieter kapel die ooit zou hebben gestaan in een klooster drie kilometer zuidelijk.

Aan de bouw is een legende verbonden: Een stier, die er op aanraden van een ridder geblinddoekt op uit werd gezonden, zou zich neergelegd hebben op het kleine heuveltje, waar ooit een heidens offeraltaar stond.
Dat laatste feit lijkt mij eigenlijk wel waarschijnlijk, want veel kapellen en kerken werd op voormalige heidense heilige plaatsen gebouwd. Een interessante speculatie: zouden er op deze offerplaats zwijnen geofferd zijn? Aan de toenmalige Schwiene-Tüns?
Heden ten dage vinden er in ieder geval geen offerandes meer plaats.
Na het Hochamt even napraten voor de kapel.
In de achtergond, het gemeenschapshuis.
We bezoeken Bückelte op zondag 15 januari 2012. Het is zeer vroeg en koud; de rijp ligt nog op de velden, bomen en struiken. Er is nog niemand in of om de kapel.
Ik maak eerst foto’s van de zandstenen deurposten. Er staan merkwaardige verticale krassen in die volgens de lokale overlevering slijpsporen uit de Middeleeuwen zijn, van ridders die hun zwaard stomp gemaakt hebben voordat ze de kapel ingingen, omdat men met een scherp zwaard de kerk niet in mocht.

Vrij recentelijk, in 1963, zijn op de muren en zoldering achter het altaar 16e eeuwse schilderingen ontdekt en gerestaureerd. In het midden zit, omringd door trompetterende engelen, Christus op een regenboog.
Rechts zien we een grote rode halvemaanvormige figuur: de muil van de Hel, waarheen mensen van alle klassen — boeren, ridders en zelfs een bisschop — door Lucifer en zijn demonen worden heengebracht.
Soortgelijke voorstellingen, van zondaren op weg naar het vagevuur, hebben we ook in andere kapellen gezien, i.h.b. die van Bessans en Clans.

Het centrale deel van het mooie altaar uit 1773 wordt gevormd door een nogal ‘primitief’ schilderij van de geboorte van Christus.

Daarboven staat een klein beeldje van Antonius met gouden T-staf (zeer correct van vorm) en een gouden varkentje day achter hem vandaan piept.

Op het antependium uit 1777 staat een nog primitievere schildering, van Antonius met puntmuts capuchon.
Antonius heeft een pauselijk kruis — met drie horizontale balken — in de linkerhand, en wijst met de rechterhand naar een wolk waaruit de stem van God klinkt.
Zijn liggende varkentje, met klok om de hals, kijkt naar hem op

In een nis staat een mooi beschilderd beeldje van een nogal jeugdige Antonius met te lange T-staf in de rechterhand en een rood boek in de linker. Varkentje en / of vuur ontbreken.

Aan een muur hangt een fraaie ets van Antonius, gedateerd 1822. Hij draagt een ongebruikelijk klerikaal hoofddeksel. In zijn rechterhand heeft hij een vrij grote klok en een brandende flambouw — symbool van het Antoniusvuur.
In zijn linkerhand heeft hij een korte ruwe haakstaf.
En met zijn rechtervoet vertrapt hij een demon, die met zijn klauw het kleed van Antonius grijpt.

Net voor de dienst wordt er ook nog een oud houten beeldje van Antonius op het altaar geplaatst. T-staf in de rechterhand. Een gesloten boek op de linkerhand.

Geleidelijk aan stroomt de kapel vol; veel ouderen natuurlijk, maar toch ook wel wat veertigers. Er zijn zo’n tachtig kerkgangers; de laatsten moeten staan.
Om 10 uur begint het Hochamt. Het is een ernstige dienst, met veel verwijzingen naar het leven van Antonius. De pastoor spreekt zeer duidelijk. De meeste aanwezigen zijn onmiskenbaar ervaren kerkgangers en velen zingen de liederen en bidden de gebeden mee.

Tijdens de dienst wordt o.a. dit Antonius lied gezongen:
Antonius lass dir singen, glorreiches
Licht der Welt. Dein Name möge dringen
hinauf zum Himmelszelt.
Für einen Schatz im Himmel verteilst du Hab und Gut, fliehest aus dem Weltgetümmel
in Jesu treue Hut.
Zum strengen Büßerleben, die Wüste
nimmt dich auf. Arbeiten, Fasten, Beten
ist deines Lebens Lauf.
Vor dir die Teufel weichen, hinab zum
Höllenschlund. Mit Jesu Kreuzeszeichen
machst Kranke du gesund.
Sankt Antonius, Sankt Antonius, sei unser Schutzpatron beim lieben Gottessohn. Sankt Antonius, Sankt Antonius, sei unser Schutzpatron beim lieben Gottessohn. Sankt Antonius, Sankt Antonius, sei unser Schutzpatron beim lieben Gottessohn. Sankt Antonius, Sankt Antonius, sei unser Schutzpatron beim lieben Gottessohn.
Na de dienst is er Frühschoppen in het nabijgelegen gemeenschapshuis. Velen drinken een biertje of Schnaps. Het is een gelegenheid om weer eens bij te praten, en iedereen kent iedereen.
In die zin zijn we onmiskenbaar vreemde eenden in de bijt. We krijgen een borreltje aangeboden en worden vriendelijk aangekeken, maar verder blijft men op een afstand.
Tönjesfest
Om deze religieuze viering heen is er ook een weekend lang volks feest, voornamelijk voor de jongeren, het zogenoemde “Tönjesfest”.
Dat hebben we niet bijgewoond — de religieuze of magische connectie met Antonius lijkt ook ver te zoeken — maar op het internet is daarover genoeg beeldmateriaal — vooral van drinkende en feestende jongeren — terug te vinden.
Een centrale rol is hierbij weggelegd voor de “Runkel”, een voederbiet, die na het nodige rondsjouwen wel wat op een varkenskop begint te lijken.
Zou dat ook de oorsprong zijn?
Op de zaterdag voor het Antonius Hochamt is er in de feesttent een wedstrijd die "Schmiet denn Haut" genoemd wordt, die eruit bestaat een hoed over de Runkel te werpen. De winnaar zal de nieuwe “Runkelkönig” zijn, die op maandag officieel benoemd wordt en dan de koning van vorig jaar vervangt. Gezamenlijk gaat het dan in optocht langs alle huizen van het dorp. En tussendoor dan drinken en feesten.
Schmiet denn Haut Runkelkönig

Heeft u informatie over Antonius Abt, of vragen, neem dan contact op met mij: Dolf Hartsuiker